En verder..

Ontspoorde marketingcommunicatie

Gisteren een brief van de NS op de deurmat. Met hun vaste klanten communiceren ze graag. ‘Geachte mevrouw Huson’ – meneer Erik Beenen, het Hoofd Marketing, richt het woord tot mij.

Is het niet heerlijk?

Huh? Wie zo een brief opent, is niet goed wijs of deed een cursus marketingcommunicatie. ‘Grijp je lezer bij de kladden’, leer je daar in les 1. Maar een onbekende die zo’n toon aanslaat, dat schiet mij dus direct in het verkeerde keelgat.

U gaat weer een heel jaar profiteren van uw Voordeelurenabonnement.

Grmpff! Of ik dat ga doen, dat bepaal ik toch wel heel graag zelf. Schrijven ze me een brief om me dat mee te delen?

Uw nieuwe doorlopend abonnement is geldig vanaf 13 september 2009.

Nu nog een vet lettertype ook. Blijkbaar voelen ze toch de behoefte om onderscheid te maken tussen hun lege zinnen en de feitelijke inhoud van de brief.

U krijgt geen nieuwe OV-chipkaart en kunt dus gewoon met uw huidige kaart blijven reizen!

Volgens mij krijg ik al heel lang niet meer elk jaar een nieuwe Voordeelurenkaart. Dus wat is hier nou eigenlijk de boodschap? Mijn huidige kaart blijft geldig, net als eerdere jaren? Of was het de bedoeling geweest om mij dit jaar een OV-chipkaart te sturen en is dat blijkbaar uitgesteld?

En wat mij betreft: lekker blijven genieten van al die voordelen!

Niet alleen denkt meneer Erik Beenen nu zeker te weten dat ik ‘lekker’ van al zijn voordelen ‘geniet’, hij gaat ook nog eens op de informele persoonlijke toer. Liever niet, dank u.

Zoals 40% korting op treinreizen, Samenreiskorting voor maximaal drie personen en lage parkeertarieven van Q-park.

Oooohhh.. (stem maakt langgerekte buiging), wacht even. Meneer Erik Beenen wil graag nog een keer vertellen wat ook alweer alle voordelen van mijn Voordeelurenabonnement zijn.
Ten slotte beveelt hij en passant nog even zijn Klantenservice bij mij aan. Vermoedelijk voor het geval ik toch nog niet 100% lekker geniet van al mijn voordelen.

Mijn interpretatie: de NS laat mij bij deze weten dat op 13 september weer een nieuw jaar van mijn Voordeelurenabonnement-met-stilzwijgende-verlenging ingaat. Ik krijg geen nieuwe kaart (zoals gebruikelijk). Hoe het zit met de OV-chipkaart blijft onduidelijk.

Maarre.. ook al krijg ik geen nieuwe kaart, volgens mij moet ik de NS wel betalen om weer een heel jaar te gaan profiteren. Daarover rept de brief echter met geen woord. Terwijl dat nou toch zinvolle content zou zijn: dan weet ik welk bedrag er op welke datum automatisch van mijn rekening geïncasseerd gaat worden. Maar ja, ze hebben me net in het standje ‘gelukzalig genieten’ gezet. Dat wordt dan misschien weer bedorven. En dat zou zonde zijn.

Even een statistiekje: de brief bevat 10 zinnen, 2 vraagtekens en 3 uitroeptekens (plus nog eentje in het juichende kopzinnetje). In de PS van drie zinnetjes tel ik een smiley, een vraagteken en een uitroepteken.

Op dit soort momenten verlang ik zo naar zo’n gewone ouderwetse informatieve brief. Strak en feitelijk. Prettig saai. Met een heldere boodschap.

Dit soort brieven met zo’n onzinnig blije toonzetting..? Wat mij betreft: lekker ophouden met die doorgeschoten knuffelcultuur!

Dan kan die mevrouw op het station misschien ook weer gewoon gaan omroepen dat mijn trein vijf minuten vertraging heeft. In plaats van dat eufemistische ‘De stoptrein naar Den Haag Centraal zal over enkele minuten vertrekken’.

.

 

 

 

Nefast

Al googelend voor een artikel over de auteursrechtenproblematiek stuit ik op een Belgische site op de volgende zin:
“Een bijzonder nefaste notie in het auteursrecht is het vermoeden van overdracht die enkel bestaat in de sector van de audiovisuele media (dus niet in de audiosector).”

Nefast?

Associaties met verwarmingsketels en afslankrepen schieten door mijn hoofd, maar verder blijft het blanco. Het woordenboek geeft opheldering:

ne·fast [nefɑst] (bijvoeglijk naamwoord; vergrotende trap: nefaster, overtreffende trap: meest nefast)
1 noodlottig, funest

Het woord blijkt afkomstig uit het latijn. De Romeinen hanteerden een kalenderindeling met dies fasti (dagen met rechtspreking), dies nefasti (dagen zonder rechtspraak) en dies comitales (dagen voor volksvergaderingen). Een soort ‘goede tijden, slechte tijden’ dus.

Zo bezien is het woord goed op z’n plek in een juridisch verhaal over auteursrechten. Maar het wordt breder gebruikt. Google levert ook een kop in het blad Autoweek: “Minirok nefast voor verkeersveiligheid”.

Een prachtig woord! Maar jammer genoeg wel nefast voor de toegankelijkheid van een tekst..

.

Goede Nijntje-taal is ook een vak..

Als tekstschrijver gebruikte ik tot nu toe met enige regelmaat het begrip ‘Nijntje-taal’. Voor mij stond het altijd synoniem voor een eenvoudige, prettig leesbare en niet mis te verstane tekst.

Het artikel ‘Nijntje-taal voor vmbo’er blijkt juist onbegrijpelijk’ (Trouw, 4 februari) heeft me een stuk voorzichtiger gemaakt.

Lees en huiver:

Een paleis met luizen en vlooien
Aan het hof van Lodewijk de 14e wist niemand iets van hygiëne.
Overal liepen luizen en vlooien.
De mensen wasten zich bijna nooit.
De pruiken van de bedienden zaten vol met luizen.
De koning vond wassen ongezond.
De bedienden sliepen met hun pruik op.
De luizen en vlooien sprongen ’s nachts in de lakens.
In de zomer kwamen er steeds meer beestjes bij.
Het was in de zomer heel warm in het paleis.
In de hitte konden vlooien en luizen goed leven.

Kunt u het volgen?

De Utrechtse neerlandica Jentine Land ontdekte dat hele lesmethodes in het vmbo uit zulke korte, losse zinnen bestaan. Niet alleen komt er geen bijzin aan te pas, ook woorden als ’omdat’, ’daarom’ of ’immers’ blijken taboe verklaard.

Die versimpeling schiet haar doel voorbij, zegt Land. In het kader van haar promotieonderzoek liet ze tweedeklassers eenvoudige én gewone teksten lezen. De ‘gewone’ tekst werd door de meeste vmbo-ers veel beter begrepen:

Aan het hof van Lodewijk de 14e wist niemand iets van hygiëne en dat gaf grote problemen. Overal liepen luizen en vlooien omdat de mensen zich bijna nooit wasten. Daardoor zaten de pruiken van de mensen vol met luizen en vlooien. Ze wasten zich niet omdat de koning wassen ongezond vond. Ook sliep iedereen ’s nachts met zijn pruik op. Daardoor sprongen de luizen en vlooien ’s nachts in de lakens. In de zomer kwamen er steeds meer beestjes bij want het was dan namelijk heel warm in het paleis. En in de hitte konden vlooien en luizen goed leven.

“Uitgevers gaan uit van de leesbaarheidsformule: hoe korter de zin, hoe makkelijker,” vertelt Land in het artikel. “Maar ze zien over het hoofd dat het onmogelijk wordt verbanden te zien als je de woorden weghaalt die de structuur aanduiden.”

Goede Nijntje-teksten schrijven is een vak apart.

.

Op de foto

De textuur van het papier, de geur van verse inkt – nog steeds is het leuk om je eigen teksten gedrukt en wel in handen te houden. Het definitieve eindproduct is toch heel wat anders dan zo’n drukklare pdf.

Dit is een variant op die ervaring: de formele overhandiging van ‘mijn’ brochure officieel vastgelegd. Meer dan een kiekje kun je het niet noemen, maar toch..

In opdracht van brancheorganisatie NLkabel maakten collega Jan Beesems en ik de brochure ‘8x kabel’ – op bijgaande foto onmiskenbaar het stralend middelpunt tussen staatssecretaris Frank Heemskerk en opdrachtgever Rob van Esch.

Als hij met evenveel aandacht gelezen is, is de missie helemaal geslaagd!

.